Céramique geen Ramblas.
DE MENING - Joos Philippens pleit voor discussie, maar waarschuwt voor controverse

Wie ooit over de Ramblas in Barcelona heeft gewandeld denkt niet snel aan de Avenue Céramique in Maastricht. Barcelona is een miljoenenstad, de Ramblas vormt daar het centrum van. Een paar kilometer lang is de Ramblas een druk voetgangersdomein, met winkels, kraampjes, artiesten.

Iets dergelijks in een nieuwbouwwijk van Maastricht te verwachten, is een overdaad aan optimisme. Met zijn ruim 100.000 inwoners zou onze provinciehoofdstad in Barcelona hooguit een van de vele buitenwijken zijn.

Dat architect Jo Coenen het Ramblas- beeld als inspiratie nam, valt niettemin te billijken. Je kunt maar beter hoog inzetten, anders wordt de middelmaat al snel tot norm. Stedenbouwkundig bezien mag Céramique geslaagd genoemd worden. De gebouwen van veel Zuid-Europese architecten zorgen, op zomerse dagen, best voor een mediterraanse uitstraling. Het allernieuwste gebouw ‘Maison Céramique' van Charles Vandenhove is een waardig sluitstuk.

Niet voor niets is het architectonisch gezien een hint naar het werk van Gaudi, van wie bij en aan de Ramblas een aantal gebouwen staan.

Dat alles is het probleem niet. Toch is Vesteda-baas Huub Smeets, die op Céramique veel appartementen verhuurt, niet blij met de kritische oprispingen van Coenen in de krant van afgelopen zaterdag. Smeets verwijt de stedebouwkundige ‘een utopisch verlangen' en noemt diens sfeertekening van Céramique een ‘onbegrijpelijke karikatuur‘.

Natuurlijk: Smeets heeft een groot commercieel belang en dus geen behoefte aan negatieve publiciteit. Maar hij heeft ook gelijk. Tenminste als je kijkt naar het huidige Céramique, dat qua profiel vooral een woonwijk is. De stedenbouwkundige en de bouwer, dat zijn bijna per definitie botsende ego's. Daar kun je gniffelend over doen, maar beter is het met beider argumenten aan de slag te gaan. Want Coenen heeft wel degelijk een punt. De lijn Bonnefantenmuseum - bibliotheek Centre Céramique (de beide uiteinden van de Avenue) nodigt niet uit tot flaneren: kantoren, woonkolossen en grote, chique winkels die weinig publiek trekken.

Waarom zou je daar gaan lopen? Flaneren, dat betekent winkeltjes, restaurantjes, terrasjes, kleine maffe dingen.

Over Plein 1992, het hart van de wijk, heerst ook onvrede. Te weinig evenementen, te weinig levendigheid, luidt het verhaal. Hier zijn Coenen en Smeets het redelijk eens.

Persoonlijk vind ik dat nogal meevallen.

Sinds de Hoge Brug een directe voetgangersverbinding biedt met de historische binnenstad is Plein 1992 zeker geen troosteloze plek. De drukte van de bibliotheek, goede horeca, een theater en supermarkten zorgen in elk geval voor aanloop. En het Charles Eyck- park langs de Maas is zelfs een voltreffer.

De kern is: waar kiezen we voor? Laten we de bewoners prevaleren? Die willen vooral rust. Of moeten die maar accepteren dat er meer levendigheid komt?

Een ‘bruisender' Céramique trekt misschien wel meer ‘bruisende' bewoners.

Het is goed dat Jo Coenen de discussie opnieuw heeft opgestart, ook al leidt dat bij de marketing-mensen van Céramique niet meteen tot immense vreugde.

Het idealisme van Coenen en het pragmatisme van Smeets moeten samen kunnen optrekken. Discussie is prima, maar een diepe controverse schaadt hun beider lovebaby.

Verbeter de levendigheid van de Avenue Céramique. Maar beschouw de Ramblas als een sfeerbeeld, niet als na te streven realiteit.

Joos Philippens is redacteur van de Limburger

 

 

 

Wilt u anderen attenderen op deze website of artikelen op deze website, maak dan gebruik van dit handige formuliertje.